De belastingen

De watering moet investeren in een efficiënt waterbeheer en haar waterlopen onderhouden. Dit vergt financiële inspanningen. De wet kent hen daarom de bevoegdheid toe om belastingen te heffen. Alle eigenaars die gronden bezitten binnen het gebied van de watering ontvangen jaarlijks een aanslagbiljet.

De gronden worden onderverdeeld in twee categorieën.
Categorie A: gronden zoals landbouwpercelen, bossen, bouwgronden, enz. De aanslagvoet op deze percelen bedraagt 14 euro per ha. Het minimum te betalen bedrag is vastgesteld op 7 euro.

Categorie B: alle percelen waarop een kunstmatig aangelegde vijver werd gegraven en die gebruikt wordt voor recreatieve doeleinden. Zij betalen een belasting van 35 euro per ha. De minimum te betalen belasting op deze vijvers bedraagt 17,5 euro.

Naast de inkomsten uit de belastingen kan de watering ook beroep doen op verschillende subsidiekanalen van andere overheden. Zo worden de kosten aan de ruimingswerken deels terugbetaald door de provincie en de gemeenten. Ook de Vlaamse overheid kan een toelage geven voor specifieke projecten.